layout.layout.t1
Snelle resultaten, duidelijke begeleiding

Erc(B)-RDW

Bloed en hematologie

Erc(B)-RDW meet hoeveel de rode bloedcellen onderling in grootte verschillen. Deze waarde helpt bij het opsporen en classificeren van bloedarmoede.

Samenvatting

Erc(B)-RDW (Red cell distribution width) geeft aan hoe uniform de rode bloedcellen van formaat zijn. Een verhoogde waarde wijst op anisocytose, wat kan duiden op ijzertekort, vitaminetekorten of stoornissen in de bloedaanmaak. In combinatie met andere bloedwaarden zoals MCV helpt RDW artsen om het type bloedarmoede nauwkeuriger vast te stellen.

Wat is Erc(B)-RDW?

Erc(B)-RDW staat voor Red cell distribution width, vrij vertaald: de breedte van de verdeling van de rode bloedcellen. Concreet beschrijft deze waarde hoe sterk de grootte van uw erytrocyten onderling varieert. Zijn alle rode bloedcellen ongeveer even groot, dan is de RDW laag. Lopen de maten sterk uiteen, dan is de RDW verhoogd.

Dit klinkt technisch, maar het principe is eenvoudig. Gezonde rode bloedcellen hebben een vrij consistente omvang. Zodra de aanmaak verstoord raakt, bijvoorbeeld door een tekort aan bouwstoffen of door een ziekte van het beenmerg, ontstaan er cellen in allerlei formaten. Dat fenomeen heet anisocytose, en RDW maakt dat zichtbaar in een getal.

De waarde wordt berekend als een variatiecoëfficiënt: de standaarddeviatie van het celvolume gedeeld door het gemiddelde celvolume (MCV), vermenigvuldigd met honderd. Het resultaat is een percentage dat aangeeft hoe groot de spreiding is.

Waarvoor wordt Erc(B)-RDW gemeten?

RDW is een vast onderdeel van een volledig bloedbeeld. Op zichzelf vertelt de waarde niet alles, maar in combinatie met andere erytrocytenindices, zoals MCV (het gemiddelde celvolume), MCH (de hemoglobinehoeveelheid per cel) en het hemoglobinegehalte, geeft RDW een gedetailleerder beeld van wat er in het bloed speelt.

De belangrijkste toepassing is de classificatie van bloedarmoede, ook wel anemie genoemd. Bloedarmoede is geen diagnose op zichzelf, maar een symptoom met vele mogelijke oorzaken. Door RDW en MCV samen te bekijken, kunnen artsen onderscheid maken tussen verschillende typen anemie. Dat is belangrijk, want de behandeling verschilt sterk per oorzaak.

Daarnaast kan RDW ook buiten de context van anemie informatie geven. Een verhoogde spreiding van celgroottes kan soms een vroeg teken zijn van een onderliggende stoornis in de bloedaanmaak, zelfs voordat het hemoglobinegehalte daalt.

Wat betekenen afwijkende waarden?

Verhoogde RDW

Een hoge RDW-waarde betekent dat de rode bloedcellen sterk in grootte variëren. Dit kan verschillende oorzaken hebben. Bij ijzergebreksanemie produceert het lichaam kleinere cellen dan normaal, terwijl oudere cellen nog een normale omvang hebben. Die mix resulteert in een hoge RDW, vaak gepaard gaand met een laag MCV.

Bij een tekort aan vitamine B12 of foliumzuur ziet u juist het omgekeerde patroon: het beenmerg maakt te grote, onrijpe cellen aan. De RDW stijgt dan samen met het MCV. Ook na een bloeding kan de RDW tijdelijk verhoogd zijn, omdat nieuw gevormde cellen groter zijn dan de oudere die al in de circulatie aanwezig zijn.

Bij hemolytische anemie, waarbij rode bloedcellen voortijdig worden afgebroken, reageert het beenmerg met een verhoogde productie van cellen in wisselende formaten. En bij myelodysplastisch syndroom, een aandoening waarbij de bloedaanmaak in het beenmerg ontregeld is, leidt de chaotische celproductie vrijwel altijd tot een duidelijk verhoogde RDW.

Lage of normale RDW

Een lage RDW is zelden een reden tot zorg. Het betekent simpelweg dat de rode bloedcellen een uniforme grootte hebben. Dit is in de meeste gevallen normaal en gewenst. Bij sommige chronische aandoeningen waarbij de cellen een consistente, zij het afwijkende omvang hebben, kan de RDW laag of normaal zijn terwijl er toch iets aan de hand is.

Een normaal RDW sluit bloedarmoede niet uit. Bij thalassemie, een erfelijke aandoening van de hemoglobineproductie, zijn de rode bloedcellen klein maar uniform van grootte. Het MCV is verlaagd, maar de RDW blijft normaal. Dat onderscheidt thalassemie van ijzergebreksanemie, waarbij de RDW juist wél verhoogd is.

RDW als hulpmiddel bij de classificatie van anemie

De combinatie van RDW en MCV maakt het mogelijk om anemie systematisch in te delen. Bij een laag MCV en een hoge RDW denkt de arts eerder aan ijzertekort. Is het MCV laag maar de RDW normaal, dan is thalassemie een belangrijkere overweging. Bij een normaal MCV en verhoogde RDW kan het gaan om vroeg ijzertekort, hemolysis of bloedverlies. Een normaal MCV met normale RDW past eerder bij anemie door een chronische ziekte.

Bij een hoog MCV met verhoogde RDW wijst het patroon op een tekort aan vitamine B12 of foliumzuur, of op myelodysplastisch syndroom. Is het MCV hoog maar de RDW normaal, dan komen leverziekte of overmatig alcoholgebruik eerder in aanmerking als verklaring.

RDW is daarmee een biomarker die het meeste waarde heeft in de context van een volledig bloedbeeld. Het is geen op zichzelf staande diagnose, maar een waardevolle aanwijzing die de richting van verder onderzoek helpt bepalen. Bij onduidelijke klachten zoals vermoeidheid, bleekheid of kortademigheid kan het meten van RDW als onderdeel van een bloedonderzoek zinvolle informatie opleveren.

Wanneer Erc(B)-RDW laten meten?

RDW wordt routinematig bepaald als onderdeel van een volledig bloedbeeld. Het is zinvol om dit te laten meten bij klachten die kunnen passen bij bloedarmoede, zoals aanhoudende vermoeidheid, duizeligheid, een bleek uiterlijk of verminderd uithoudingsvermogen. Ook bij bekende risicofactoren voor tekorten, zoals een eenzijdig voedingspatroon, zwangerschap of maag-darmproblemen, kan periodieke controle nuttig zijn.

Mensen die al behandeld worden voor een bloedziekte of voedingstekort kunnen met RDW het herstel in de gaten houden. Een dalende RDW na de start van een behandeling kan wijzen op normalisering van de bloedaanmaak. Bespreek de uitslagen altijd met een arts, zodat de waarden in de juiste context worden geïnterpreteerd.

Auteur

Het team van zample™